Hoe gaat SWZ om met de Wet Zorg en Dwang?

De Wet Zorg en Dwang (Wzd) in het kort

Iedere Nederlander heeft recht op bescherming van zijn of haar grondrechten. In onze grondwet staat dat in principe niemand in zijn vrijheid mag worden beperkt. Als een cliënt in zijn vrijheid beperkt moet worden vanwege een groot risico op ernstig nadeel, maar daar verzet tegen heeft (of zijn/haar vertegenwoordiger) dan heeft diegene recht op de bescherming vanuit de Wet Zorg en Dwang. Deze wet beschrijft een uitzondering op de grondwet. Als er sprake is van onvrijwillige zorg, dan heeft de cliënt recht op een zorgvuldige én multidisciplinaire afweging via het stappenplan Wzd of de onvrijwillige zorg echt nodig is.

Visie van SWZ

Zorgvuldig omgaan met het beschermen van de grondrechten en zorgvuldig omgaan met onvrijwillige zorg zien we bij SWZ als onderdeel van de merkbare mensgerichte zorg die de cliënt nodig heeft en van ons mag verwachten. We willen de rechten en de vrijheid van cliënten in deze zoveel mogelijk beschermen. De zorgverantwoordelijke rol ligt bij de persoonlijk begeleiders en de verantwoordelijkheid om zorgvuldig om te gaan met onvrijwillige zorg wordt door alle zorgverleners in de teams genomen.

Een cliënt valt onder de Wzd

  • als er een verklaring is van een deskundig arts waaruit blijkt dat hij in verband met een psychogeriatrische aandoening of verstandelijke beperking is aangewezen op zorg en/of;
  • een persoon beschikt over een indicatie van het CIZ voor langdurige zorg met als grondslag een psychogeriatrische aandoening of verstandelijke beperking. Hieronder vallen ook cliënten met niet-aangeboren hersenletsel (NAH), Korsakov of Huntington die dezelfde gedragsproblemen en hetzelfde regieverlies ervaren als mensen met dementie of een verstandelijke beperking en die vergelijkbare zorg ontvangen.

Een verstandelijke beperking moet blijken uit een CIZ indicatie of een uit oordeel ter zake kundige arts.

Kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking

De Wzd geldt pas voor kinderen en jongeren bij wie een verstandelijke beperking is vastgesteld en bij wie onvrijwillige zorg wordt overwogen of toegepast. De Wzd geldt niet voor kinderen en jongeren bij wie geen verstandelijke beperking is vastgesteld. Tot en met 12 jaar telt verzet van kinderen niet mee, ouders moeten dan gevraagd worden of ze verzet hebben dat we de onvrijwillige zorg uitvoeren. Verzet een cliënt van 12 tot 16 jaar zich tegen zorgverlening, dan wordt die zorgverlening gekwalificeerd als onvrijwillig, ook als de ouders hebben ingestemd en ongeacht of de cliënt ter zake wilsbekwaam is.

Vertrouwenspersoon Wzd: Riek Ansems

Gaat er iets niet zoals je wilt en heb je hierover een vraag of een klacht. Neem dan contact op met de cliëntvertrouwenspersoon voor de Wzd.
Meer informatie en haar contactgegevens vind je hier.